Ajax en de band met de Watergraafsmeer (deel 68)

0

Interviews met supporters

Auteur: Kees Rotgans, Roland de Weert, Gerhard Broers

Eindpunt lijn 9 bij Stadion De Meer .
Foto: Beeldbank Amsterdam Alle rechten voorbehouden

Voetbal en stadswijken: een verbroken relatie

Titel van een onderzoek aan de Vrije Universiteit door Kees Rotgans, Roland de Weert en Gerhard Broers tijdens het werkcollege sportgeschiedenis door Prof. Dr. Th. Steven.
De periode omvat de jaren ’50 tot ’80.
Het onderzoek bestaat uit 3 delen: de Watergraafsmeer, AJAX en interviews met AJAX-fans.
Met dank aan Gerhard Broers voor het beschikbaar stellen van het resultaat van dit onderzoek.

Nr. 10 – Interview met Wil Lases (ten tijde van het interview 63 jaar oud)

Het klopt dat de voetbalclubs in mijn lagere schooltijd (basisschool) een sterke relatie hadden met bepaalde wijken in Amsterdam of verbonden waren aan scholen en daarmee ook religie gerelateerd.

Zo woonde ik in Oud-West, maar de lagere school van onze parochie de St.Bavoschool aan de Bilderdijkstraat stond niet zo goed bekend en ik ging naar een van de drie scholen van de broeders van Oudenbosch in Amsterdam n.l. St.Louis op de Keizersgracht 87. Op zijn Amsterdams gezegd “een kale-neten-school”. Een hartstikke goede school. Zij hadden ook voetbalvelden in Amsterdam-West achter de toenmalige Coca-Colafabriek, waar nu het station Sloterdijk is. Veel scholen hadden daar voetbalvelden. Ik mocht daar gaan voetballen toen ik in de 3e klas zat (8 jaar). Dat was heel wat, want een paar (leren) kicks aanschaffen was het kostbaarste en zeker voor een jongen in de groei. Dus eerst uitkijken naar een paar tweedehands.

Voetbalplaatjes verzamelen
Natuurlijk was ik al enthousiast voor het voetballen, want er waren voedingsmiddelenfabrikanten, die albums met bekende voetballers uitgaven, waarvan je de plaatjes moest verzamelen en inplakken. Ook spelers van voor mij onbekende clubs als Rigtersbleek. Er zaten ook spelers in van Blauw Wit en Ajax. Dat was prachtig. Wij hadden in Oud-West toch meer op met Blauw Wit en DWS, inderdaad de club van de Spaarndammerbuurt, daar hadden we niks mee. Dat was de afkorting voor ons van Dikke Wijven Stinken.

Ajax was dan wel niet de club van onze buurt, maar er werd wel steeds met veel respect over gesproken. Mijn vader was een uitgesproken fan van Ajax. Hij was opgegroeid in de 2e Helmersstraat in De Pijp. Bovendien iedereen van de Lasessen was “Ajaxied”.

Met lijn 9 naar Ajax
Ik ging dus op gezette tijden aan de hand van mijn vader met de tram naar wedstrijden van Ajax. Eerst met lijn 3 en dan overstappen op lijn 9. Het was dan een gedrang om in de tram te komen en je werd aardig samengeperst. De balkons van de tram waren toen nog open en een deel van de passagiers hing buiten, zich vast houdend aan de stangen. Het toegangsbedrag voor kinderen onder de tien of twaalf jaar was toen erg laag t.o.v. het volwassenenbedrag.

We stonden op de staantribune achter de doelen. Er liep dan altijd door het publiek een pindamannetje in een wit colbertje met een bak voor zijn buik, met puntzakjes met gesuikerde pinda’s. Katjang werd dat genoemd. We konden alleen op zondag als er geen postduivenwedstrijd was, want mijn vader (een uitgestorven familietrek) was een fervente postduivenliefhebber.

Het was een tijd dat er geen heibel op de tribunes was en je met elkaar met plezier naar een wedstrijd kon gaan zonder iets te duchten te hebben. Je zat bij Ajax ook pal op het veld. Er waren soms wel pittige Amsterdamse discussies, maar geen handgemeen.

DWS en Blauw Wit
DWS en Blauw Wit speelden in of op de bijvelden van het Olympisch Stadion. De ene zondag de ene, de andere zondag de andere.
De vierde club, die steeds bekender werd, was De Volewijckers in Amsterdam Noord, maar voor ons was dat geen Amsterdam. De Volewijckers was eigenlijk de eerste satellietclub van Ajax (ook met Joodse trekken). Wij ervoeren dat Joodse karakter nooit als een negatieve klank, wel apart.

RKAVIC.
In mijn middelbare schoolperiode heb ik de eerste drie jaar gevoetbald bij RKAVIC. De club bestaat nog. IC is een afkorting van Ignatiuscollege. Zo bestaan nog de clubs HIC, RIC, CRIC, (hockey, roeien, cricket) en misschien nog meer.

Betaald voetbal
Met de invoering van het betaalde voetbal ging eerst de gerenommeerde club Blauw Wit ten onder. Daar hadden we allemaal Godsgruwelijk de pest over in. En dan kwam er zo’n semiprofclub Amsterdam. Nou daar hadden we helemaal niets mee. Die ging toen fuseren met DWS dat zijn hoofd niet meer boven water kon houden. Het gaf de semiprofclub Amsterdam een achterban en de naam werd DWS-A(msterdam). Ook die ging ter ziele. De echte Amsterdamse ziel is wel in Ajax gebleven.

Twee neven in Ajax
Ik heb twee neven, die in Ajax gespeeld hebben: Ben Lases (*1938 Diemen). Later woonde hij op het Boerhaaveplein, waar het gezin van mijn oom Ben naar toe verhuisde. Hij speelde drie jaar voor Ajax.

Dan Gerard Lases. Hij is denk ik van 1949 en was een uitstekende voetballer, bracht het tot profvoetballer bij Ajax in het tweede elftal en viel een enkele keer in in het eerste tot hij werd teruggezet door Michels naar het 3e. Dat was een grote teleurstelling en hij stopte er mee. Hij is opgegroeid in de Tolstraat in De Pijp. Nu heeft hij een galerie in Parijs en is gespecialiseerd in de Cobragroep. In verschillende musea (w.o. het gemeentemuseum in Schiedam en het Cobramuseum in Amstelveen) hangen doeken van hem in bruikleen. Voorheen had hij een galerie in de Nieuwe Spiegelstraat bij de Leidsestraat waar ook Tom Okker zijn galerie heeft.

Share.

Leave A Reply