Browsing: a.s.v. J.O.S.

Jos-Wmeer

Bron: hetamsterdamschevoetbal.nl

De Amsterdamse voetbalvereniging JOS Watergraafsmeer bestaat 7 februari maar liefst 100 jaar. Samen met Richmond Bossman, Henk Hofstede, Khalid Karami, Joop Vlug, Richard Pel en Maurice Renger bespreken we het rijke clubverleden van de voetbalvereniging.

Dit is deel 3: Bossman al negen seizoenen bij JOS Watergraafsmeer

Foto: hetamsterdamschevoetbal.nl – Ronald Bakker

Band
Richmond Bossman, voetballer van Zondag 1, is in de loop der jaren steeds meer een JOS Watergraafsmeer-man geworden. De voormalig speler van Telstar en FC Oss speelt momenteel zijn negende seizoen bij de Amsterdamse club. “JOS Watergraafsmeer voelt simpelweg als thuiskomen”, verklaart Bossman. “Het is mijn enige amateurclub naast mijn profcarrière. Toen ik pas bij de club was, had ik de overtuiging dat ik uitsluitend voor mezelf kwam. Toen was ik namelijk nog jong en nog niet zo ontwikkeld als nu.” Dat gevoel veranderde in de loop van de tijd. “Ieder jaar ontwikkelde ik mezelf meer en werd ik wijzer. Ik wist gewoon steeds dat ik bij JOS Watergraafsmeer wilde blijven, want de vereniging voelt simpelweg als een warm bad.”

De reeds ervaren voetballer heeft het nog altijd uitstekend naar zijn zin. Inmiddels is Bossman zelfs jeugdtrainer én coördinator. “Tijdens mijn profcarrière wilde ik geen trainer worden, maar vervolgens gebeurde er iets in me waardoor ik het toch wilde proberen. Vervolgens ben ik bij JOS Watergraafsmeer met de mini’s begonnen en dat was al leuk. Het jaar erna ben ik met mijn diploma gestart. Nu ben ik inmiddels al vijf jaar trainer en twee jaar coördinator.”

Daarnaast blijft hij zich richten op zijn eigen voetballoopbaan in het Eerste Elftal. “Ik wil andere jongens niet tekort doen, maar het team van de afgelopen drie seizoenen is het beste waarin ik met JOS Watergraafsmeer heb gespeeld, zowel qua voetbal als sfeer. Dat zie je ook terug in de ranglijst, want vorig jaar zijn we gepromoveerd en dit seizoen draaien we wederom bovenin mee. Niemand wilde bij voorhand rekening met ons houden.” Bossman voelt zich dan ook als een vis in het water. “Ik ken iedereen, van sponsoren tot aan de vrijwilligers en jeugdtrainers. Het is mijn tweede thuis, want ik ben er behalve vrijdag elke dag.”

Warm bad
Dat JOS Watergraafsmeer een warm bad is, dat hoor je van menig trainer, speler of supporter. Maar wat maakt de club zo warm? “JOS Watergraafsmeer is niet zo’n hele grote club, maar bestaat uit échte Amsterdammers die wel van een feestje en de derde helft houden. Als je er dan nog bij presteert, is het helemaal top. Mensen in de club zijn niet beroerd elkaar te helpen, want we hebben gewoon ontzettend veel vrijwilligers. En mochten er problemen zijn, dan kunnen we dat te allen tijde met elkaar bespreken. Iedereen accepteert het simpelweg van elkaar. Dat soort kleine aspecten bij elkaar geven gewoon een goed gevoel.”

Bekerwedstrijd Ajax
Bossman maakte ook de bekerwedstrijd tegen Ajax mee, wat binnen de club wordt gezien als een hoogtepunt in de historie. De aanvaller kan dat jaar nog goed voor de geest halen. “Als profvoetballer heb ik een hoop meegemaakt, maar ik had nog nooit in het Olympisch Stadion gespeeld of tegen Ajax gevoetbald. Dat seizoen was Sander Middelbeek trainer en toen deden we het uitstekend in de beker. Bovendien werden we dat jaar kampioen in de Eerste Klasse. Op een gegeven moment hadden we Spakenburg en Noordwijk geklopt in de beker en speelden we de bekerfinale tegen IJselmeervogels. We kwamen in dat duel met 3-0 achter, kwamen terug tot 3-3 en verloren met 5-3. Dat was het bewijs dat we ook in de KNVB Beker iets konden presteren. Toen mochten we spelen tegen het grote Ajax in het Olympisch Stadion.”

Als voormalig profvoetballer wist Bossman hoe het is om tegen een profclub te spelen. “Maar tegen Ajax is dat toch weer even wat anders. De wedstrijd was gewoon iets bijzonders. Bijna iedereen van JOS Watergraafsmeer was er en de sfeer was werkelijk fantastisch. De jonge spelers die ik toen al training gaf, vonden het geweldig om hun trainer te zien spelen tegen Ajax. Al met al was het helemaal top, al verloren we met 9-0. Na de wedstrijd was de sfeer goed. JOS Watergraafsmeer had een gedeelte in het Olympisch Stadion waar de club de derde helft kon houden. Dus dat was een bijzondere avond die ik niet snel meer vergeet.”

Het ruime verlies waren de spelers en fans dan ook snel vergeten, al is de vleugelspeler ervan overtuigd dat zijn club met het huidige team meer kans had gemaakt. “Op dat moment hadden we een goed elftal, maar niet zo goed als nu. We hadden met dit elftal meer kans gemaakt dan toentertijd. Momenteel hebben we veel spelers die vroeger in de top van de amateurwereld of Betaald Voetbal hebben gespeeld. Dan vind ik het niet gek dat ons huidige niveau en die van vorig jaar gewoon erg hoog is. Dus ik denk dat we met dit elftal toch wat meer kans hadden gemaakt.”

Loopbaan
Bossman is inmiddels samen met Raymond Fafiani een van de oudere spelers in de selectie. Hoe lang gaat de voetballer nog door? “Wanneer we in de winterstop op trainingskamp gaan, hebben we vaak dat gesprek met de trainer. Het verschil tussen de gesprekken van vorig jaar en dit jaar was redelijk groot. Afgelopen jaar vertelde de trainer dat hij, mede vanwege mijn leeftijd, toch voor een andere jongen wilde kiezen. Uiteindelijk wist ik vorig seizoen de concurrentiestrijd te winnen, waardoor ik weer basisspeler werd.”

“Dit seizoen hadden we een compleet ander gesprek. De trainer zei tegen me dat hij niet wilde dat ik stopte, hij noemde me een leider op het veld en zag dat ik hartstikke fit ben. Toen heb ik tegen hem gezegd dat het nog totaal niet aan de orde is dat ik stop.” Wél heeft hij het met zijn thuisfront besproken. “Mijn dochtertje en vrouw willen in de toekomst natuurlijk iets meer tijd met mij doorbrengen, dus we hebben het erover gehad. Wellicht voetbal ik nog twee jaar om het rustig af te bouwen, maar aankomend jaar ga ik sowieso door”, aldus Bossman.

Jordi Smit

Share.

Bron: hetamsterdamschevoetbal.nl

De Amsterdamse voetbalvereniging JOS Watergraafsmeer bestaat 7 februari maar liefst 100 jaar. Samen met Richmond Bossman, Henk Hofstede, Khalid Karami, Joop Vlug, Richard Pel en Maurice Renger bespreken we het rijke clubverleden van de voetbalvereniging.

Dit is deel 2: Zaterdag 1 trainer Richard Pel.

Foto: hetamsterdamschevoetbal.nl – Hans van Beek

Familie
Richard Pel is inmiddels tien jaar trainer van JOS Watergraafsmeer Zaterdag 1. Daardoor kent hij de club van binnenuit als zijn broekzak. Het is voor hem meer dan logisch dat hij nog altijd onderdeel uitmaakt van de ‘JOS Watergraafsmeer-familie’. “Dan verwijs ik eigenlijk altijd naar de vijf kernwaarden waar wij voor staan. De belangrijkste daarvan zijn ambitieus, sportief en plezier hebben. En dat vind ik persoonlijk ook zeer belangrijk. JOS Watergraafsmeer staat bekend als de club met de ouderwetse, gezellige sfeer. We werken bij de club bovendien samen als één grote familie. Dat bevalt mij zeer goed.”

Ook zijn rol als trainer bevalt hem nog altijd goed. “In de loop der jaren heb ik altijd aanwas gehad van verse spelers. Het is gewoon erg prettig werken bij deze club. Ik was voor mijn tijd bij JOS Watergraafsmeer assistent bij IJselmeervogels, wat natuurlijk het Ajax van de amateurwereld is. Daar werden we kampioen van Nederland. Vervolgens maakte ik één jaar deel uit van de technische staf van de zondagselectie en heb ik dat jaar erop de overstap gemaakt naar de zaterdag. Toen ben ik gaan samenwerken met Frits Dammen die nog altijd mijn elftalleider is. Door hem wordt alles rondom het elftal volledig geregeld.”

Sfeer
Als de hoofdtrainer aan de club denkt, komen er warme gevoelens in hem op. “Het begint al als je bij ons op het sportpark komt. Het is namelijk klein en compact. De kantine is authentiek: er hangen elftalfoto’s langs de kant en de sfeer is nog écht oud-Amsterdams. Iedere keer als andere clubs bij ons op bezoek komen, zeggen ze: hier voelen wij ons thuis en dit is het authentieke voetbalgevoel. Met alle respect voor andere clubs, maar er zijn tegenwoordig clubs met moderne kantines waar totaal geen emotie in zit. Alle bezoekers die bij ons komen, merken direct op dat het nog hetzelfde is als vroeger.”

Pel voelt zich dan ook als een vis in het water. “Ik ben daar écht thuis. JOS Watergraafsmeer is een volksclub met normale mensen en de slogan: doe maar normaal, want dan doe je al gek genoeg. Daarom heb ik het gewoon hartstikke naar mijn zin. Wat ik nog wel een keer wil, is een keer de stap maken naar de volgende klasse. We hebben nu meerdere keren nacompetitie gespeeld, maar het is ons steeds net niet gelukt. Daar wil ik nog wel een keer naartoe. Wat daarvoor nodig is? Altijd een beetje geluk en structureel betere spelers.”

Doelstellingen
Promotie is overigens geen ‘must’ voor Pel. “Ik heb het nog altijd naar mijn zin en zie nog steeds uitdagingen. Bovendien kan ik goed samenwerken met de mensen bij de club, dus dat vormt voor mij de basis.” Ook de spelers hebben het goed naar hun zin, zo merkt Pel. “Al die jaren hebben we een zeer hoge trainingsopkomst, wat maakt dat het prettig werken is bij de club.”

Pel heeft met voorzitter Joop Vlug nog niet gesproken over volgend seizoen, maar het zou zomaar kunnen dat hij er nog een jaar aan vast plakt. “We hebben het er nog niet over gehad, maar daarmee hebben we nooit écht haast. Daar zullen we naar verwachting wel weer uitkomen, want er is gewoon vertrouwen aan alle kanten. Ik ben simpelweg onderdeel van een familie”, aldus Pel.

Jordi Smit

Share.

Bron: hetamsterdamschevoetbal.nl

De Amsterdamse voetbalvereniging JOS Watergraafsmeer bestaat 7 februari maar liefst 100 jaar. Samen met Richmond Bossman, Henk Hofstede, Khalid Karami, Joop Vlug, Richard Pel en Maurice Renger bespreken we het rijke clubverleden van de voetbalvereniging.

Dit is deel 1: voorzitter Joop Vlug.

Foto: hetamsterdamschevoetbal.nl

Voorzitter
Wanneer we het hebben over échte clubmensen, dan kan voorzitter Joop Vlug daarin niet ontbreken. Vlug begon zijn jeugdjaren als speler van JOS Watergraafsmeer en is vervolgens altijd bij de vereniging gebleven. “JOS Watergraafsmeer is een deel van mijn leven”, legt de voorzitter uit. “Dat houdt als voorzitter in dat je een aantal avonden in de week voor je club aan de gang bent. Bovendien ben ik op zondag voor de vereniging bezig.” Vlug kwam per toeval als voorzitter aan het roer. “Uiteindelijk zijn handjes altijd welkom. Dus op een gegeven moment vroegen ze me persoonlijk om te helpen en werd ik bestuurslid. Als er dan mensen stoppen, schuif je vanzelf door. Zo ben ik voorzitter geworden.”

Vlug vindt zijn rol als voorzitter schitterend om te vervullen, al zitten er soms ook minpunten aan vast. “De vervelende kant van het zijn van voorzitter is dat mensen na het betalen van contributie er maar vanuit gaan dat alles is geregeld. We moeten het simpelweg met zijn allen doen.” Buiten dat heeft Vlug een hoop mooi aspecten bij de club meegemaakt. “Als je naar de successen kijkt, dan denk ik dat we de laatste jaren niet mogen klagen. Kampioenschappen, bekerfinale tegen IJselmeervogels, bekerduel tegen Ajax in het Olympisch Stadion en vorig jaar promotie via de nacompetitie. Eigenlijk zijn we in tien jaar tijd een stabiele Eerste Klasser geworden met uitstapjes naar de Hoofdklasse. Dat wilden we uiteindelijk, dus de ambities zijn uitgekomen.”

Mooiste momenten
“Wat het mooiste moment is dat ik als voorzitter bij JOS Watergraafsmeer heb meegemaakt? Dat is het jaar 2014. We werden toen al in april afgetekend kampioen in de Eerste Klasse A. Vervolgens kregen we een bekerwedstrijd in de halve finale tegen Spakenburg die we thuis wonnen en de finale tegen IJselmeervogels, waarin we binnen tien minuten met 3-0 achter stonden. Daarna kwamen we terug tot 3-3, maar maakte IJselmeervogels in de laatste minuten 5-3. Dat was een prachtige belevenis op een mooie dag met veel publiek. Als kers op de taart mochten we in september 2014 tegen Ajax aantreden in het Olympisch Stadion.”

Het was volgens Vlug vooral de balans in het team die in 2014 het verschil maakte. “We hadden toen een goed, uitgebalanceerd team dat bestond uit een mix van oude en jonge spelers”, zo verklaart hij de prestatie. “Daarnaast hadden we een goede trainer zitten die begreep hoe de dynamiek van een team in elkaar zit. Als je dan wint, gaat het ook allemaal wat makkelijker.”

Filosofie
JOS Watergraafsmeer heeft al jaren een duidelijke clubfilosofie die de vereniging in alle geledingen doorvoert. “Wij vinden dat prestatie en plezier altijd hand in hand moeten gaan. Als club proberen we dat vast te houden, al wordt dat steeds lastiger. Zeker als de tegenstander tussen 16.00 en 16.45 uur de kantine uit is. We proberen altijd een zanger in de kantine te hebben om toch wat gezelligheid bij de club te krijgen. Voetbal is belangrijk, winnen is belangrijk, maar uiteindelijk moet je ook lol met elkaar kunnen hebben. Zaterdag zitten we behoorlijk vol met twaalf seniorenteams, dus het is elke zaterdag lang onrustig in de kantine.”

De KNVB zorgt er met het huidige beleid voor dat die filosofie steeds moeilijker wordt om door te voeren, zo vindt Vlug. Zo voerde de bond een aantal jaren geleden de zogenaamde voetbalpiramide in. “De verenigingen zaten er niet op te wachten wat de KNVB heeft doorgevoerd, want dat heeft uiteindelijk een hoop kosten met zich meegebracht. Bijvoorbeeld de verre busreizen, supporters die afhaken, tegenstanders die geen supporters meer meenemen en kantine-inkomsten die naar beneden gaan. Dat heeft de piramide van de KNVB de vereniging gebracht.” Vlug blijft met JOS Watergraafsmeer strijden om het probleem op te lossen. “Het enige dat je als club kunt doen, is blijven zeggen wat je ervan vindt. Ik begrijp dat de KNVB met wel ideeën bezig is, maar voordat er iets concreets is ben je vijf tot zes jaar verder.”

Ambities
Ondertussen strijdt het vlaggenschip van JOS Watergraafsmeer voor promotie naar de Derde Divisie. “We willen zo hoog mogelijk voetballen, maar dat moet wél altijd organisatorisch en financieel verantwoord zijn. De balans die we nu hebben, is goed. We staan momenteel hoog en er zijn allemaal ontwikkelingen van de jeugdteams van BVO’s die eruit gaan. Dus het kan zomaar dat we volgend jaar in de Derde Divisie spelen. Al praat ik dan wellicht wat voor mijn beurt, en daar houd ik niet van. Maar dan moeten we ons daarop ook organisatorisch voorbereiden”, aldus Vlug.

Jordi Smit

Share.

Petra Te Boekhorst-van Doorneveld Ik heb nog een foto van de A1 van JOS. De trainer was Rinus Michels en de leider mijn vader Rinus van Doorneveld. Was eind 50er jaren.
Ria Evertse Ik zie Jos Dijkstra , Hannes van Eikeren , René Parree
Peter Hendriks Ik meen Hayo Krabbenbosch te herkennen. Moet omstreeks 1958 zijn.
Joke van Eikeren Ik zie ook Bart Bregman Gerrit v,Genugte,Frank Niesen.
Marja Parree Bart Bregman, Jan van Nugteren

Team A1 – trainer Rinus Michels – eind vijftiger jaren – Foto: Petra Te Boekhorst-van Doorneveld – alle rechten voorbehouden

Share.

Bron: Dagblad Trouw – Door Jurryt van de Vooren

Een verdwenen oorlogsmonument van de Amsterdamse voetbalclub JOS Watergraafsmeer blijft door Henk Hofstede voor altijd bestaan. Deel 2 van een maandelijkse serie over de sporen van de Tweede Wereldoorlog in de Nederlandse sportwereld.

Foto: ANP – Henk Hofstede (rechts) vormt met drummer Rob Kloet (links) en toetsenist Robert Jan Stips de band The Nits. ‘J.O.S. Days’ is een van hun grotere hits.

Na de Tweede Wereldoorlog werden er duizenden oorlogsmonumenten opgericht in Nederland. Op de website van Nationaal Comité 4 en 5 Mei zijn er meer dan 3900 verzameld, waaronder enkele tientallen van voetbalclubs. Ook de voetbalwereld werd immers zwaar getroffen met 2212 dodelijke slachtoffers onder de KNVB-leden. Sommige van die voetbalmonumenten staan 75 jaar later nog steeds centraal in het clubleven, waar andere zijn vergeten.

De Amsterdamse voetbalclub JOS Watergraafsmeer bestaat volgend jaar precies een eeuw, opgericht in de Wetbuurt. Zanger en tekstschrijver Henk Hofstede van The Nits heeft er een deel van zijn leven doorgebracht. “Opa Hofstede was één van de oprichters. Ik ging elke zondag als er een wedstrijd was, samen met mijn vader en zijn broers. Mijn neven speelden er ook, net als veel jongens uit de buurt. Het was een echte wijkclub.”
Het was vanzelfsprekend dat ook Hofstede lid wilde worden. “Iedereen moest wel eerst aan een proefwedstrijd meedoen. Begin jaren zestig speelde ik daarom ook zo’n wedstrijd, maar ik kwam er niet doorheen. Dat was heel uitzonderlijk, dus ik moet echt slecht zijn geweest. Zo was ik wel de eerste in de familie die de ketting vanaf mijn opa doorbrak.”

Ineens was het monument weg
In 1935 verscheen op het clubterrein een monument wegens het vijftienjarige bestaan, ‘door bijdragen van leden en donateurs’, zoals de KNVB meldde in het ‘Voetbaljaarboek’. Een jaar later begon JOS Watergraafsmeer met het Steentoernooi als seizoensopening voor de Amsterdamse clubs uit de derde en vierde klasse. De naam verwees naar het monument, waarin jaarlijks de naam van de toernooiwinnaar werd gebeiteld.

Foto: JOS-Watergraafsmeer – JOS Oorlogsmonument voorheen TABA veld op het Drieburgpad

Tijdens de oorlog kwamen drie clubleden om het leven, net als drie mensen uit de Wetbuurt. Hun namen werden toegevoegd aan het clubmonument op twee stenen plaquettes, dat verder werd uitgebreid met trapjes. In 1947 werd het onthuld, vermoedelijk begin mei.
Zowel voor de club als de Wetbuurt was het een belangrijke plek tijdens de Dodenherdenking. Hofstede was toen nog een kind, hij gebruikte het monument vooral om er te spelen. “Ik verzon dan dat één van die mensen op het oorlogsmonument Henk heette, net als ik. Terwijl ik nooit heel precies naar die namen heb gekeken.”
Bij een tijdelijke verhuizing van JOS in de jaren zeventig nam voetbalclub TABA de velden over. In 1976 was het monument opeens verdwenen. “Wie daarvoor opdracht heeft gegeven, is tot op de dag van vandaag onduidelijk”, aldus de huidige clubvoorzitter Joop Vlug. “Navraag leverde niets op.” Het is nooit meer gevonden en nog steeds weet niemand wat er is gebeurd. In 1999 bood TABA zijn excuses aan.

Mislukte proefwedstrijd
Hofstede legde in 1988 zijn herinneringen aan het monument vast in ‘J.O.S. Days’, een lied waarin hij zijn mislukte proefwedstrijd combineerde met het oorlogsverleden van de club. “Ik ben erover gaan schrijven, toen ik werkte aan het album ‘In the Dutch Mountains’. Bij het oorlogsmonument maakte ik zo de koppeling tussen de kleine wedstrijd die ik verloor en het grote gebeuren van de oorlog.”

I see one name again
He had my age and my first name
He thought he would win like in his J.O.S. days

Inmiddels is het clubtraditie dat ‘J.O.S. Days’ wordt gedraaid als het eerste elftal van JOS Watergraafsmeer bij een thuiswedstrijd het veld betreedt. Hofstede: “Dat vind ik echt te gek. Het is bijna een revanche. Dat ik er niet mocht spelen, maar dat ik toch ergens op het veld terecht ben gekomen. Zo ben ik toch onderdeel geworden van de club.”

In de Nederlandse sportwereld zijn nog steeds sporen te vinden van de Tweede Wereldoorlog. 75 Jaar na de Bevrijding onderzoekt sporthistoricus Jurryt van de Vooren deze nalatenschap, zoals monumenten, gedenkstenen en soms zelfs een lied.
Tips zijn welkom: jurryt@sportgeschiedenis.nl

Share.

Interview met Joop Vlug, voorzitter JOS/Watergraafsmeer.
De voetbalcarrière van Joop is begonnen op 9-jarige leeftijd. (Je moest toen eigenlijk 10 jaar zijn om te mogen voetballen bij een club). Hij zat daarvóór bij de padvinderij maar hij wilde liever voetballen. Een vriend van zijn vader, Frans van Tienhoven, die een sigarenwinkel had in de Fahrenheitstraat, had connecties met J.O.S. En zo ben ik daar terechtgekomen.

Joop Vlug – van pupil tot voorzitter

Seizoen 1976/77 – zittend links onder Joop Vlug – Foto: JOS/WGM – Alle rechten voorbehouden

Share.

Bron: hetamsterdamschevoetbal.nl

JOS/Watergraafsmeer mag zich weer Hoofdklasser noemen. De ploeg van Cor ten Bosch won in de nacompetitiefinale met 3-1 van Leonidas. Pas in de verlenging werd er afstand genomen van de Rotterdammers, die het duel met negen man eindigde.

Foto: Mario Wormhoudt

‘Heb je weleens een trainer meegemaakt met zoveel prijzen?’, vroeg iemand toen het interview met Cor ten Bosch net ten einde was. Het is een feit: elke club onder zijn leiding werd kampioen of promoveerde. De twee meest recente voorbeelden haalde Ten Bosch ook aan tijdens de voorbereiding: met Breukelen gepromoveerd in een nacompetitie met 21 ploegen en bij RODA’23 werd het karwei afgemaakt tegen een ploeg (Schoten) waar eerder dat seizoen nog met 7-0 van verloren werd. “Het is allemaal niet makkelijk of een trucje van 1+1=2. Het is heel hard werken.”

Op het veld van De Meern moest er verlenging aan te pas komen om een winnaar te bepalen. Na negentig minuten stond er een 1-1 stand op het niet werkende scorebord. In de veertiende minuut opende Assad El Harti namens Leonidas de score en op slag van rust trok Hanne Hagary de stand gelijk. Aan die 1-1 zat een luchtje van buitenspel toen hij een indraaiende voorzet van Raymond Fafiani controleerde en achter keeper Joao Almeida schoot.

Foto: Mario Wormhoudt

Ook in de tweede helft lukte het JOS/Watergraafsmeer, waar meerdere spelers hun eigen niveau niet haalden, niet om het verschil te maken. De Amsterdammers mochten zelfs doelman Colby Harmon danken dat hij een penalty van El Harti pakte. Aan de andere kant had Hagary de winnende treffer op zijn schoen. De paal stond dit echter in de weg. “Ik was geen minuut bang. Leonidas heeft een aardige ploeg, maar wij hebben een betere. Als iedereen bij ons zijn stinkende best doet, hebben wij echt een goed team.”

In de verlenging kwam dat ook naar boven, al kon Leonidas ook weinig tegengas meer bieden. Dat had mede te maken met een slechte arbitrage. Een rode kaart voor Tsanislav Tsankov (natrappen) was overduidelijk, maar de rode prent voor Carlos Ramos (vermeende slaande beweging die alleen door de assistent-scheidsrechter werd waargenomen) niet. Met negen tegen elf was het eigenlijk een ongelijke strijd. Door een rake penalty van clubtopscorer Malcolm Esajas en een late treffer van invaller Stefan Schipper liep JOS uit naar een 3-1 zege.

Ten Bosch bracht de Amsterdammers in zijn eerste seizoen terug naar de Hoofdklasse. “JOS werd een beetje de Poulidor (bekende wielrenner, red.) van de eerste klasse: steeds net niet”, zegt Ten Bosch. “Je moet op een gegeven moment voor jezelf uitmaken: kan ik het of niet? Met deze groep kunnen wij het en dat was voor mij ook de uitdaging. Bij een club die ik al jaren ken, en waar mensen zitten die ik een warm hart toedraag, ben ik blij dat het mij gelukt is. Dat maakt het toch iets speciaals.”

Share.
1 2 3 4 6