De Koningskerk

5

31 december 1944 – 31 december 1955

Door: Jan Dijk (1947) Jongste zoon van Ds J. Dijk, ex-huisarts in A’dam ZO

Wat een moderne kerk kwam daar te staan midden in de nieuwgebouwde wijk Jeruzalem!

Koningskerk – 1972 .
Foto: Beeldbank Amsterdam Alle rechten voorbehouden

Ik was 9 toen de kerk afkwam. Het was 1956. Het was de tweede kerk van de Gereformeerde Gemeente Watergraafsmeer – de Rehobothkerk was te klein geworden. Er waren geregeld kerkdiensten geweest in de gymzaal van de Prinses Julianaschool aan de Fahrenheitstraat, vader preekte er wel eens, ik ben er een keer bij geweest. Vader was betrokken bij het begin van de bouw van de nieuwe kerk. Hij was al jong met emeritaat gegaan wegens astma; trappen lopen, vooral in de Transvaalbuurt, dat toen bij de kerkelijke gemeente Watergraafsmeer behoorde en dat zijn wijk was, lukte hem niet meer.

Wat een moderne kerk kwam daar te staan midden in de nieuwgebouwde wijk Jeruzalem! Nog moderner dan de beroemde Kolenkit in West. Ik liep wel eens door de nieuwe wijk vanuit ons huis boven het postkantoor aan de Middenweg; weet nog dat er op de hoek van de Middenweg en de Hugo de Vrieslaan, waar later het wijkcentrum was, een boerderij stond. Je kunt nog zien dat de huizen daar van later datum zijn. Verder was de wijk al klaar. Ik vond het leuk naar de nieuwe straatnamen te kijken. Mijn oudere broers kunnen vast wat meer over de bouw van de kerk vertellen.

Vader overleed jong, de kerk was net klaar; het prachtige orgel van Mense Ruiter moest er nog komen. De begrafenis van vader was de allereerste dienst in de kerk; hij was nog niet eens officieel in gebruik genomen. Natuurlijk was de kerk afgeladen. Dominee Gilhuis, zijn opvolger, leidde de dienst. Ik voelde me timide.

Ik zag nu ook de bijzondere, wel heel erg moderne ramen en het ruime verder vrij sobere interieur. Gekleurde dikglazen ruitjes in bijzondere patronen. Een zon. Een engel die een draak verslaat. De vier evangelisten als symbolen weergegeven, leerde ik al snel.
De preek was moeilijk te horen. De akoestiek was te hol en er was nog geen geluidsinstallatie. Uiteindelijk kwamen er tapijten tegen de achtermuur te hangen. Dat scheelde aanzienlijk. Toen mijn oudste broer er een keer preekte, nog zonder geluidsinstallatie naar ik mij meen te herinneren, was hij goed te verstaan, en ook te volgen voor mij. Als je maar voor-midden in de kerk zat.

Voor concerten bleek de akoestiek weergaloos. Die Jahreszeiten en Die Schöpfung heb ik er allebei gehoord. Onder leiding van Peter Dogger de dirigent van het Rehobothkoor. Ik hoorde een keer een bekende van mij viool spelen in de Koningskerk, solo. Prachtig klonk dat. Zo’n concert moet toch eens mogelijk zijn, met een beroemde violist.

Share.

5 reacties

  1. Roel Dijkema on

    De koningskerk staat bol van herinneringen, catechisatie met Ds Rijper/Baumvalk. Jeugdclubs en jeugdkampen, het jeugdkoor met mijn eerste vriendinnetje en later de tweede. Oprichting koningskelder bestuur, trouwen, dopen van beide zonen enz enz een mooie en bijzondere tijd van mijn leven.

  2. Ja Roel, ik heb ook veel herinneringen aan de Koningskerk, en heb 6 jaar op het kinderkoor de Meerzangertjes gezeten. Ook de kerkclub was natuurlijk een fijne samenkomst en ik zat laatst nog de foto’s te bekijken toen we met z’n allen op de brommer weg waren geweest en we met elkaar op de Transvaalkade, bij mijn ouders, altijd terecht konden voor een kopje thee 🙂 Hans en Ellen, die dit jaar hun 40 jarig huwelijksdag vierden, hebben nog steeds contact met diverse clubleden.
    Komend november ga ik voor de 2e keer zingen in de Koningskerk met ons Gospelkoor FireChoir. Het gebouw is voor de akoestiek inderdaad geweldig!! Het klonk zelfs beter dan het Zaantheater waar we in juni j.l. hebben opgetreden. Echt een slecht geluid daar 🙁
    Mochten jullie in de gelegenheid zijn om te komen luisteren, kijk dan even op de website van Fire Choir.

  3. Een interessant verhaal over het orgel, aanvullend op het verhaal van Jan Dijk.
    Het orgel van de Koningskerk
    Uniek in bouwstijl
    De orgelmaker Mense Ruiter uit Groningen maakte in 1960 een groot tweeklaviers orgel voor de Koningskerk, een instrument dat opvalt door ontwerp en karakter. Het ontwerp van het orgel mag dan opvallend zijn, ook het muzikale karakter van het orgel valt op. Het orgel is gebouwd volgens de principes van de neobarok, een orgelbouwstijl die rond de jaren ’60 volop in de mode was. Anno 2016 is er echter het besef dat dit orgel groot onderhoud behoeft dan wel moet worden gerestaureerd.

    kerkorgel koningskerk

    De aanpassingen
    Alhoewel het orgel van de Koningskerk onmiskenbaar een kind van zijn tijd is, heeft Mense Ruiter daar destijds toch zijn eigen invulling aan gegeven. De periode van de neobarok in de orgelbouw is inmiddels verleden tijd. Bij vele orgels uit die tijd is de intonatie naderhand aangepast omdat de klank veelal als te scherp en te dun werd ervaren. Een dergelijke correctie was en is voor het orgel van de Koningskerk in principe niet nodig. Ruim 55 jaar na de oplevering in 1960 overtuigt het orgel bij zowel het begeleiden van de Gemeentezang als bij het vertolken van vele orgelliteratuur nog steeds.

    KerkorgelKoningskerk

    Een unicum
    Eerder is al aangegeven dat het orgel opvalt door ontwerp en karakter. Daar kan dan nog aan worden toegevoegd dat een neobarokorgel op de oorspronkelijke locatie en met de oorspronkelijke intonatie zo langzamerhand een unicum is waar we zuinig op moeten zijn. Binnen de grenzen van de gemeente Amsterdam is er geen vergelijkbaar orgel meer te vinden. vinden. Het orgel bevat in totaal 1762 pijpen. De grootste houten pijpen zijn ruim 5.00 m lang, de kleinste zijn niet groter dan enkele centimeters.

    KerkorgelKoningskerk1

    De huidige staat
    In principe staat het orgel er net zo bij als toen het werd opgeleverd. Alleen de orgelkast is wit geschilderd volgens de traditie van de Evangelische Broedergemeente die in 1994 het kerkgebouw kocht van de Gereformeerde kerk. Anno 2016 is er echter het besef dat dit orgel groot onderhoud behoeft dan wel moet worden gerestaureerd. Alle 1762 pijpen moeten worden gecontroleerd, schoongemaakt en waar nodig gerepareerd. Daarnaast zijn er in het inwendige van het orgel een aantal zaken die voor het goed functioneren van het instrument moeten worden gecontroleerd en opnieuw afgeregeld. Versleten onderdelen moeten worden vervangen.

    De restauratiekosten
    De restauratie van het orgel is geraamd op € 75.000. We hopen doormiddel van subsidies, collectes en acties een groot deel van dit bedrag bij elkaar te krijgen.

Leave A Reply