Vaatje buskruit zaait onrust in de Watergraafsmeer

0

Bron: Dagblad De Telegraaf – H. F. van Loon

In een vergrijsd deel van de Watergraafsmeer, aan de periferie van de hoofdstad, woedt al enige tijd een merkwaardige kleine oorlog. Inzet is een stenen kastje met een houten deksel van zestig bij veertig centimeter, waarin een paar kilo kruit ligt opgeslagen. Goedbespeelde emoties van buurtbewoners hebben dit inmiddels al opgeblazen tot een ‘kruitbunker’, in de strijd worden leuzen gebruikt (‘Geen kruitvat, maar woonhuis’) en zowel de bestuurders van Amsterdam als de eerzame middenstander die onbezorgd onder het kruitvat slaapt, worden beschuldigd van massaal onder-één-hoedje-spelen.

Als men de buurt beluistert zouden Samkalden en Pistolen Paultje een bondgenootschap hebben gesloten om de internationale wapenhandel in de Watergraafsmeer ongestoord te laten bloeien. Eind januari moet de rechtbank nu uitmaken of, zoals 60 bewoners dat eisen, de Nederlandse Wapenhandel v/h Joh. Munts uit het pand Middenweg 110 moet verdwijnen. Deze tragikomedie telt twee hoofdrolspelers: Estella Pach (63) en Kees Kersten (52). De eerste is de zelf opgeworpen Jeanne d’Arc van de Pasteurstraat en staat aan het hoofd van het buurtprotest, de tweede een man die, in plaats van meel en grutterswaren toevallig geweren, hengels en jachtkleren verkoopt en nu geconfronteerd wordt met het risico dat hij het huis waar hij woont en werkt en waarin al zijn spaarcentjes zitten, zal moeten ontruimen.

Corruptie
Estellla Pach: “Ik ben jarenlang lid van de P.S.P. geweest. Ik kom uit een principieel linkse hoek en als er iets te doen is in de buurt word ik er altijd bijgehaald, dat is een uitgemaakte zaak. Ik heb een vaste advocaat die al mijn acties voor mij voert en ik was net klaar met een actie tegen de volkstelling toen deze kwestie met die wapenhandelaar ging spelen. Ik ben daar nu al 15 maanden mee bezig. Ik heb iedereen, die maar invloed kon hebben, benaderd, van Samkalden tot de brandweer-commandant, de procureur-generaal en de minster van Binnenlandse Zaken toe – en nu weet ik het zeker: dit is een duidelijk geval van corruptie, het stadsbestuur is totaal corrupt, ze spelen allemaal onder één hoedje om die wapenhandelaar met zijn levensgevaarlijke munitie-opslagplaats hier in ons midden te houden”.

Nuchter oordeel van een buurtbewoner: “Actie voeren is haar lust en leven, ze heeft nu geloof ik, al vijf processen in deze buurt gevoerd. Hoewel ze Kees Kersten nog nooit heeft ontmoet, spreekt ze over hem als over ‘die onderwereld-figuur’, die ‘gangster’. Ze geniet kennelijk van de belangstelling die dit alles voor haar verwekt. Ze betaalt het ook allemaal zelf, want hoewel 60 buurtbewoners haar eis hebben mede-ondertekend is zij alleen financieel aansprakelijk.

Barricade
Mevrouw Pach (“Hoewel ik fel tegen De Telegraaf ben, had ik me al afgevraagd waarom u geen belangstelling voor deze zaak toonde”) tot slot: “Wat er ook gebeurt – ik geef het niet op, ik sterf op de barricade”,
Kees Kersten: “In het geding zijn emoties, geen rationale overwegingen. Er heerst in ons land een taboe rond alles wat met wapens van doen heeft – even sterk bijna als in de tijd van het ‘gebroken geweertje’. Ik heb tientallen jaren met deze wapenhandel op het Damrak gezeten naast het Victoria Hotel, maar de parkeermoeilijkheden voor mijn klanten waren daar groot, het pand was te klein, voor hengelsport-artikelen en jachtkleren had ik geen ruimte, dus toen ik dit huis in de Watergraafsmeer kon kopen was ik dolblij. Doordat ik wapens en jachtpatronen verkoop en ook steeds een paar kilo kruit in huis heb word ik constant door allerlei instanties gecontroleerd: de brandweer, de politie, Bouw- en Woningtoezicht, Defensie en ga zo maar door”.

Vergunning
“Ik heb mijn hinderwetvergunning zonder moeilijkheden gekregen, want iedereen die er maar een beetje verstand van heeft weet dat dit rookloze buskruit alleen kan branden, het kan niet ontploffen. Natuurlijk is de ontploffing in Muiden erbij gesleept, maar daar werd kruit gedroogd waardoor gassen ontstaan die kunnen ontploffen; bij mij, zoals bij al mijn collega-wapenhandelaars in Nederland, ligt alleen wat kant-en-klaar kruit opgeslagen. Als dat iemand zou geruststellen ben ik bereid ergens op een eenzaam weiland een kist jachtpatronen in een brandend vuur te gooien en er zelf naast te blijven staan, er kan niets gebeuren. Ik heb er ook over gedacht op de tafel van de rechter een brandende sigaret te steken in een bergje kruit, dan zou iedereen kunnen zien dat het alleen kan branden, dat er geen sprake is van een explosie.
Een expert van Defensie heeft mij pas nog verteld dat de calorische waarde van een tank met 50 liter petroleum, zoals zoveel mensen die op hun balkon hebben staan, gelijk is aan die van het kruit dat ik hier heb opgeslagen. Echt, ik begrijp niet waar deze felle acties op gebaseerd zijn. Of het moet zijn, zoals een buurtbewoner heeft geopperd, dat het helemaal niet tegen dat kruitkastje gaat, maar om heel andere dingen. Veel van de mensen in deze buurt zijn eigenaar van hun huizen, ook mevrouw Pach, die hier verschillende panden bezit – misschien zijn ze wel bang dat de waarde van hun pandjes omlaag gaat door de aanwezigheid van een winkel in hun midden?”

12 januari 1973 – Bron kranten.delpher.nl

Terug naar het verhaal over Munts wapenhandel

Share.

Leave A Reply